Eerste Kamer neemt pakket Belastingplan 2021 en wetsvoorstel Wet beperking liquidatie- en stakingsverliesregeling aan

15 december 2020
Eerste Kamer neemt pakket Belastingplan 2021 en wetsvoorstel Wet beperking liquidatie- en stakingsverliesregeling aan

Op 15 december 2020 heeft de Eerste Kamer ingestemd met het pakket Belastingplan 2021 en het wetsvoorstel Wet beperking liquidatie- en stakingsverliesregeling. Op 12 november 2020 stemde de Tweede Kamer al met deze wetsvoorstellen in (zie onze eerdere berichtgeving).

Het pakket Belastingplan 2021 bestaat uit de volgende wetten:

  • Belastingplan 2021
  • Overige fiscale maatregelen 2021 (door de Eerste Kamer al op 8 december 2020 aangenomen)
  • Wet verbetering uitvoerbaarheid toeslagen
  • Wet CO2-heffing industrie
  • Wet differentiatie overdrachtsbelasting
  • Wet aanpassing box 3
  • Eenmalige huurverlaging huurders met een lager inkomen (door de Eerste Kamer al op 1 december 2020 aangenomen)
  • Vaststelling tarieven opslag duurzame energie- en klimaattransitie 2021 en 2022

Voor een uitgebreidere toelichting op de oorspronkelijk ingediende wetsvoorstellen verwijzen wij naar ons Prinsjesdagmemorandum.

Voor de aanscherping van de verliesverrekening in de vennootschapsbelasting per 2022 en de Baangerelateerde Investeringskorting (BIK, voor 2021 en 2022) zijn op 5 oktober 2020 nog twee aparte nota’s van wijziging bij het Belastingplan 2021 ingediend (zie onze eerdere berichtgeving). Over deze maatregelen merken wij nog het volgende op.

Beperking verliesverrekening

De aanscherping van de verliesverrekening in de vennootschapsbelasting zal in werking treden op een nog bij Koninklijk Besluit te bepalen tijdstip, in afwachting van de (definitieve) uitvoeringstoets op deze wijziging, die momenteel nog niet gereed is. Deze uitvoeringstoets wordt begin 2021 verwacht. De door het kabinet beoogde inwerkingtredingsdatum blijft 1 januari 2022. Mochten er op basis van de uitvoeringstoets uitvoeringstechnische belemmeringen naar voren komen, dan kan dit aanleiding zijn voor een aanpassing van deze maatregel.

BIK

Een onderdeel van de BIK-regeling zal ook pas bij Koninklijk Besluit in werking treden. De mogelijkheid om als fiscale eenheid (voor de vennootschapsbelasting) gebruik te maken van de BIK gaat namelijk mogelijk pas later in. Dit houdt verband met het feit dat het kabinet de BIK-regeling heeft aangemeld bij de Europese Commissie, om zeker te stellen dat geen sprake is van ongeoorloofde staatssteun. De bepalingen die betrekking hebben op de fiscale eenheid zijn door middel van een novelle uit het Belastingplan 2021 gehaald, met de mogelijkheid deze weer terug te zetten in de wet op een bij Koninklijk Besluit te bepalen datum, zo nodig met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2021. Op 10 december 2020 had de Tweede Kamer al ingestemd met de novelle, en nu is dus ook de Eerste Kamer hiermee akkoord gegaan.

Aangenomen moties

Bij de stemming op 15 december 2020 zijn ook de volgende moties aangenomen:

  • De regering wordt verzocht alle belastingvoorstellen die aan het parlement worden voorgelegd in het vervolg te voorzien van een zogenoemde doenvermogentoets. De uitvoering van het belastingstelsel wordt voor burgers en bedrijven steeds complexer. De afgelopen jaren zijn volgens de motie echter goede ervaringen opgedaan met uitvoeringstoetsen voor overheidsdiensten, zoals de Belastingdienst. Daaronder vallen ook de eerste experimenten met de doenvermogentoets, waar de burger centraal staat bij de toets op uitvoerbaarheid van belastingregels (motie 35572-N).
  • De regering wordt verzocht onderzoek te doen naar een meer neutrale behandeling van ondernemers in de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting, en uiterlijk in de eerste helft van 2021 de uitkomsten daarvan met de Kamer te delen. Door de maatregelen uit het pakket Belastingplan 2021 ontstaan volgens de motie nieuwe verschillen bij de belastingheffing van ondernemingen in de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting. De rechtsvormkeuze voor een onderneming zou echter geen gevolgen moeten hebben voor de heffing van winstbelasting over de winsten van die onderneming. Met een meer neutrale behandeling van belastingplichtige ondernemers in de inkomstenbelasting en de vennootschapsbelasting wordt volgens de motie recht gedaan aan de verschillende functies van winstinkomen, te weten consumptie, investeren, reserveren en oudedagsvoorziening (motie 35572-O).

Mocht u naar aanleiding van het voorgaande vragen hebben, dan staan de Meijburgadviseurs u graag bij met hun expertise. Wij houden u uiteraard van het vervolg van voornoemde ontwikkelingen op de hoogte.

© 2021 Meijburg & Co is een Nederlandse maatschap van besloten vennootschappen, staat ingeschreven in het Handelsregister onder nummer 53753348
en is aangesloten bij de wereldwijde KPMG organisatie van onafhankelijke entiteiten verbonden aan KPMG International Limited, een Engelse private company limited by guarantee.
Alle rechten voorbehouden.