Verruiming concernbenadering in de NOW en enige andere versoepelingen

24 april 2020
Verruiming concernbenadering NOW

Bij brief van 22 april 2020 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een belangrijke verruiming aangekondigd van de concernbenadering in de ‘Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid’ (NOW). Wij gaan hierna kort op de verruiming concernbenadering NOW in. Ook bespreken we de eveneens bekendgemaakte versoepelingen in de WW-premiedifferentiatie en bij de boeteoplegging bij kennismigranten.

Verruiming concernbenadering NOW

Van de NOW kan tot nu toe alleen gebruik worden gemaakt als de omzetdaling van de hele groep tijdens de referteperiode ten minste 20% bedraagt (zie ook onze eerdere berichtgeving). De individuele situatie van groepsmaatschappijen is daarbij niet van belang. Bij het ontwerp van de regeling is hiervoor bewust gekozen omwille van de eenvoud, uitvoerbaarheid en ter voorkoming van manipulatie. Deze benadering kan er echter wel toe leiden dat de NOW niet van toepassing is als een individuele werkmaatschappij wél ten minste 20% omzetdaling heeft, maar de hele groep daaronder blijft. Dit kan ertoe leiden dat de individuele werkmaatschappij toch tot ontslag overgaat.

De minister komt nu tegemoet aan de breed gehoorde praktijkwens en een motie van de Tweede Kamer om de concernbenadering als volgt te versoepelen.

  • Is de omzetdaling op groepsniveau minder dan 20%, dan mag naar de omzetdaling van een individuele werkmaatschappij worden gekeken (en kan die werkmaatschappij in beginsel een beroep doen op de NOW als op dat niveau sprake is van een omzetdaling van ten minste 20%).
  • De werkmaatschappij moet een rechtspersoon zijn, de versoepeling geldt dus niet voor business units, vestigingen, vaste inrichtingen etc.
  • Is de omzetdaling op groepsniveau ten minste 20%, dan geldt deze versoepeling niet en telt enkel de groepsomzetdaling voor de NOW (en kan alleen als concern een beroep op de NOW worden gedaan).

De publicatie van de wijziging van de regeling wordt verwacht in de week van 27 april 2020. NOW-aanvragen op grond van de versoepeling kunnen worden ingediend vanaf de inwerkingtreding van de wijziging.

Voor een NOW-aanvraag op basis van de omzetdaling van een individuele werkmaatschappij gelden de volgende aanvullende voorwaarden.

  1. Het concern van de aanvragende werkmaatschappij moet verklaren geen dividenden en/of bonussen uit te zullen keren over het jaar 2020 en geen eigen aandelen in te kopen tot en met de datum van de aandeelhoudersvergadering waarin de jaarrekening over 2020 wordt vastgesteld.
  2. De werkmaatschappij moet met een toepasselijke werknemersvertegenwoordiging een akkoord bereiken over het werkbehoud bij deze werkmaatschappij.
  3. Is sprake van een personeels-bv, dan kan geen gebruik worden gemaakt van de versoepelde concernbenadering en moet dus altijd worden uitgegaan van omzetdaling op concernniveau.

Ad 1) Onduidelijk is onder meer of deze voorwaarde (alleen) betekent dat het concern op topniveau geen dividenden mag uitkeren, of dat deze eis ook geldt voor lager in de structuur opgenomen vennootschappen. In het laatste geval kan deze voorwaarde het binnen concern financieren van slechter lopende ‘staken’ bemoeilijken.

Om strategisch gedrag te vermijden stelt de Minister nog de volgende controlewaarborgen voor, die onderdeel moeten gaan worden van de accountantsstandaarden.

  1. Het verschuiven van opdrachten en projecten binnen de groep, die normaal gesproken door de aanvragende werkmaatschappij zouden worden uitgevoerd (en afwijkend zijn voor de andere entiteit), is niet toegestaan.
  2. De omzetdaling van de werkmaatschappij moet worden verlaagd met de (theoretische) omzet van personeel van die maatschappij dat in het subsidietijdvak bij een andere groepsvennootschap activiteiten verricht.
  3. Het transferpricing systeem van, kort gezegd, 2019 moet ook in de meetperiode 2020 worden toegepast.
  4. Mutaties in de voorraden gereed product in de referteperiode moeten aan de omzet worden toegerekend.

Overwerk en premiedifferentiatie

Per 1 januari 2020 geldt voor de bepaling van de hoogte van de WW-premie een lage premie voor vaste contracten (geen oproepcontract) en een hoge premie voor flexibele contracten. Als de lage premie geldt, maar in een kalenderjaar meer dan 30% uren worden verloond dan contractueel was vastgelegd (overwerk), moet toepassing van de lage premie worden herzien.

Door de coronacrisis wordt in bepaalde sectoren op dit moment veel overgewerkt. In plaats van de eerdere voorgestelde sectorale buitenwerkingstelling van de herzieningsmaatregel kiest de minister nu voor een generieke uitzondering. Voor alle werkgevers hoeft in 2020 bij ‘overwerk’ de lage premie niet gecorrigeerd te worden. Dit geldt alleen voor 2020.

Werktijdverkorting en kennismigranten

Een beperkte groep werkgevers heeft nog werktijdverkorting aangevraagd en gekregen in verband met de coronacrisis. Uitvloeisel van deze regeling is dat werknemers minder gaan werken en voor het werktijdverschil een WW-uitkering ontvangen. Doordat in deze situaties het loon van de werknemer feitelijk gezien wel omlaag gaat, kan het voorkomen dat voor werknemers met een kennismigrantenvergunning niet meer aan de geldende salarisvereisten wordt voldaan en zij hiermee in feite geen aanspraak meer kunnen maken op deze vergunning. Als gevolg daarvan kan sprake zijn van illegale tewerkstelling waarvoor normaal gesproken hoge boetes gelden.

De minister staat nu tijdelijk niet-wetsconforme uitvoering toe en ook zullen in dergelijke situaties geen boetes worden opgelegd. Werkgevers doen er wel verstandig aan om tijdig te melden bij de IND dat tijdelijk niet aan het salarisvereiste wordt voldaan.

Aanvullend vangnet flexwerkers; seizoensarbeid

  • Het kabinet zoekt naar oplossingen om tot een aanvullend vangnet voor flexwerkers te komen. Het verkent daartoe de mogelijkheden en zal de Tweede Kamer daarover op korte termijn informeren.
  • Ook voor seizoensarbeid zoekt het kabinet naar oplossingen nu de NOW-regeling dan weinig of geen soelaas kan bieden. Het kabinet informeert de Tweede Kamer hierover zo snel als mogelijk.

Eventuele verlenging NOW

Wij merken tot slot op dat op 22 april 2020 door de Tweede Kamer met algemene stemmen een motie is aangenomen die het kabinet verzoekt om bij de eventuele verlenging van de NOW, indien mogelijk, als voorwaarde op te nemen dat bedrijven die gebruikmaken van de NOW in 2020 en 2021 geen dividend of bonussen mogen uitkeren en geen eigen aandelen mogen inkopen, en daarbij te kijken naar bijvoorbeeld een mkb-drempel. Tijdens het coronadebat van 22 april 2020 gaf minister-president Rutte desgevraagd aan dat hij een algemene dividend-, bonus- en inkoopvoorwaarde bij een eventuele verlenging van de NOW voor de hand vindt liggen.

Genoemde motie verzoekt het kabinet voorts bij een eventuele verlenging van de NOW te kijken naar een betere balans waarbij bedrijven die in slechte tijden worden geholpen in goede tijden juist een grotere bijdrage gaan leveren, bijvoorbeeld door te kijken naar belastingconstructies.

Mocht u naar aanleiding van de verruiming concerbenadering NOW vragen hebben, dan staan de Meijburgadviseurs u graag bij met hun expertise om de fiscale en financiële gevolgen van de coronacrisis zo beperkt mogelijk te houden. Wij houden u uiteraard van eventuele aanvullende fiscale maatregelen op de hoogte

.

© 2020 Meijburg & Co, Tax & Legal, is een samenwerkingsverband van besloten vennootschappen, staat ingeschreven in het Handelsregister onder nummer 53753348
en is aangesloten bij KPMG International Cooperative ("KPMG International"), een Zwitserse entiteit. Alle rechten voorbehouden.