Vennootschapsbelasting en de coronacrisis

vennootschapsbelastingen

Door de coronacrisis komt er voor u als ondernemer ongetwijfeld veel op u af. Binnen een kort tijdsbestek moet u mogelijk snel beslissingen nemen waarvan de gevolgen voor de langere termijn niet zijn te overzien. Juist in deze financieel-economisch onzekere tijden is gedegen cash flow management dan ook cruciaal. Een belangrijke eerste stap is daarbij dat u zo snel mogelijk grip krijgt op uw liquiditeit.

Voor het fiscale aandachtsgebied 'vennootschapsbelasting' hebben wij hieronder de belangrijkste punten op een rij gezet die van belang kunnen zijn om deze grip op uw liquiditeit te behouden.

Vennootschapsbelasting in economisch uitdagende tijden

Doorgaans wordt u in de eerste maand van uw lopende boekjaar als belastingplichtige een voorlopige aanslag vennootschapsbelasting opgelegd. Uit deze voorlopige aanslag volgt dan een te betalen bedrag over het lopende boekjaar dat ineens of in elf maandelijkse termijnen aan de Belastingdienst moet worden voldaan. Deze voorlopige aanslag wordt in de regel automatisch opgelegd en bevat een schatting van het belastbaar bedrag dat is gebaseerd op de bij de Belastingdienst laatst bekende gegevens over de laatste twee jaar.

Indien de schatting van het belastbaar bedrag voor uw boekjaar te hoog is, kunt u een verzoek tot herziening van de voorlopige aanslag indienen. De indiening van dit herzieningsverzoek is niet aan termijnen gebonden en kunt u dus gedurende het lopende boekjaar indienen, maar ook daarna. De inspecteur heeft acht weken om het herzieningsverzoek te behandelen. Verzoeken zullen door de Belastingdienst worden ingewilligd. Als een ondernemer zijn voorlopige aanslag al (gedeeltelijk) heeft voldaan en het bedrag van de nieuwe voorlopige aanslag is lager, dan zal het verschil aan de ondernemer worden uitbetaald.

De financiële impact van de COVID-19 incalculeren

Bij het opnieuw inschatten van de fiscale winst over het lopende boekjaar kunt u rekening houden met bijvoorbeeld een lagere omzet, kosten voor reorganisatie, ontslagvergoedingen en oninbare vorderingen, maar mogelijk ook aan het aanpassen van interne verrekenprijzen (transfer pricing). Voor het herzieningsverzoek moet een gedegen schatting worden gemaakt van de vermoedelijke aanslag. Indien voor een herzieningsverzoek onjuiste of onvolledige informatie wordt verstrekt, kan een vergrijpboete worden opgelegd. Laat u zich hierbij desgewenst informeren of in zijn algemeenheid over uw vennootschapsbelasting en de coronacrisis

Verzoek om nadere voorlopige aanslag over het afgelopen boekjaar

Wanneer duidelijk is dat het afgelopen boekjaar met een lager resultaat is afgesloten dan aanvankelijk geschat, kan een herzieningsverzoek worden ingediend om het belastbaar bedrag op de voorlopige aanslag te verminderen. In dit verzoek kan een realistischer schatting over het afgelopen jaar worden opgegeven, waardoor het te veel betaalde bedrag aan vennootschapsbelasting wordt teruggegeven. Over een dergelijke teruggaaf wordt in beginsel geen belastingrente vergoed.

De inspecteur heeft acht weken om een herzieningsverzoek te behandelen en ook hier geldt dat een vergrijpboete kan worden opgelegd indien voor een herzieningsverzoek onjuiste of onvolledige informatie wordt verstrekt. Wanneer duidelijk is dat het afgelopen boekjaar met een hoger resultaat is afgesloten dan aanvankelijk geschat, kan een herzieningsverzoek worden ingediend om het belastbaar bedrag op de voorlopige aanslag te verhogen.

Voorlopige verliesverrekening

Indien een jaar resulteert in een fiscaal verlies dat kan worden verrekend met de winst van het voorafgaande jaar, kan het raadzaam zijn om zo spoedig mogelijk na afloop van het jaar de aangifte vennootschapsbelasting over dat jaar in te dienen. In dat geval kan een verzoek om voorlopige verliesverrekening worden ingediend. De verrekening van het verlies (één jaar carry-back) kan dan onder voorwaarden zo snel mogelijk plaatsvinden, waardoor alvast een bedrag aan vennootschapsbelasting voorlopig wordt teruggegeven. Bij voorlopige verliesverrekening wordt het verlies in de regel voor 80% in aanmerking genomen. Het restant wordt later bij de formele afhandeling van de aangifte in aanmerking genomen.

Wet waardering onroerende zaken, onroerendezaakbelastingen en vennootschapsbelasting

De aanslagen onroerendezaakbelastingen 2020 zijn inmiddels verstuurd. De hoogte van die aanslagen is gebaseerd op de zogenoemde WOZ-waarde (Wet waardering onroerende zaken). Die waarde is afgeleid van de marktwaarde van het vastgoed. Veelal is dat de waarde in het economische verkeer, uitgaande van een veronderstelde verkoop. Het is raadzaam de WOZ-waarde kritisch te bekijken en tijdig bezwaar te maken indien deze te hoog is vastgesteld. Een lagere WOZ-waarde leidt tot een voordeel in de sfeer van de te betalen onroerendezaakbelastingen. Daarnaast kan een verlaging van de WOZ-waarde ten opzichte van het recente verleden ook leiden tot een verruiming van de mogelijkheid tot afschrijving op vastgoed in de sfeer van de vennootschapsbelasting. De WOZ-waarde is immers de ondergrens van die fiscale afschrijving (bodemwaarde).

Meer informatie of advies?

Mocht u naar aanleiding van het voorgaande vragen hebben en meer willen weten over vennootschapsbelasting in coronacrisis dan staan onze adviseurs u graag bij met hun expertise om de fiscale en financiële gevolgen van de coronacrisis zo beperkt mogelijk te houden. Wij houden u uiteraard van eventuele aanvullende fiscale maatregelen op de hoogte.

© 2022 Meijburg & Co is een Nederlandse maatschap van besloten vennootschappen, staat ingeschreven in het Handelsregister onder nummer 53753348
en is aangesloten bij de wereldwijde KPMG organisatie van onafhankelijke entiteiten verbonden aan KPMG International Limited, een Engelse private company limited by guarantee.
Alle rechten voorbehouden.