Update beleidsbesluit fiscale maatregelen coronacrisis in verband met onder meer uitstel van betaling

29 april 2020
gebouw lucht

Ook de fiscale maatregelen van het kabinet naar aanleiding van de coronacrisis volgen elkaar in hoog tempo op. Wij hebben u hierover onder meer geïnformeerd in onze berichtgeving van 18 maart 2020, 20 maart 2020 en 3 april 2020. Bij beleidsbesluit van 14 april 2020 heeft de staatssecretaris van Financiën al een aantal concrete goedkeuringen in het kader van de coronacrisis bekendgemaakt (zie onze berichtgeving van 17 april 2020). Dat besluit is inmiddels alweer vervangen door het beleidsbesluit van 22 april 2020, waarin de goedkeuringen uit het vorige besluit zijn aangevuld met nieuwe goedkeuringen, onder andere op het gebied van uitstel van betaling belastingschulden coronacrisis, betalingsverzuimboeten en de melding betalingsonmacht. Het nieuwe beleidsbesluit is in werking getreden met ingang van 25 april 2020 en werkt – in ieder geval met betrekking tot de aanvullende goedkeuringen – terug tot en met 12 maart 2020. De onderdelen die zien op de aanvullende goedkeuringen vervallen op 19 juni 2020.

Hierna informeren wij u over de aanvullende goedkeuringen.

1.            Uitstel van betaling belastingschulden coronacrisis

1.1          Algemeen

Aan ondernemers die door bijzondere omstandigheden waarvan de oorzaak buiten hun invloed ligt tijdelijk in liquiditeitsproblemen komen, kan zogenoemd bijzonder uitstel van betaling worden verleend. In het kader van de coronacrisis is in dit kader voorzien in een aantal tijdelijke goedkeuringen.

1.2          Uitstel korter dan drie maanden

Goedgekeurd wordt dat aan ondernemers op verzoek uitstel van betaling wordt verleend voor een periode van drie maanden. De belastingen die onder deze goedkeuring vallen zijn: loonheffingen, omzetbelasting, inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen, inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet, vennootschapsbelasting, kansspelbelasting, assurantiebelasting, verhuurderheffing, milieubelastingen (energiebelasting en opslag duurzame energie- en klimaattransitie (ODE), kolenbelasting, afvalstoffenbelasting, belasting op leidingwater), accijnzen en verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken.

Voor de omzetbelasting, de accijnzen, de verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken en de kolenbelasting voor zover deze belastingen worden geheven met toepassing van de douanewetgeving ter zake van de invoer geldt een specifieke regeling in diezelfde douanewetgeving.

Het verzoek om uitstel kan schriftelijk of digitaal worden ingediend nadat er een belastingaanslag voor een van de genoemde belastingen is opgelegd. Het beleidsbesluit geeft aan dat het verzoek om uitstel geacht wordt een verzoek om uitstel van betaling te zijn van alle openstaande en nog op te leggen belastingaanslagen voor de hiervoor genoemde belastingen.

Indien de belangen van de Staat zich hiertegen verzetten (bijvoorbeeld bij vrees voor misbruik) kan het uitstel van betaling worden geweigerd of ingetrokken.

1.3          Uitstel langer dan drie maanden

Als uitstel van betaling wordt verzocht voor meer dan drie maanden kan het verzoek alleen schriftelijk worden ingediend. Voor uitstel van betaling langer dan drie maanden gelden de volgende voorwaarden:

  1. De bestaande betalingsproblemen maken langer uitstel noodzakelijk.
  2. Deze betalingsproblemen zijn hoofdzakelijk door de coronacrisis ontstaan.
  3. Er is voor de belastingschuld waarvoor het uitstel wordt gevraagd voldaan aan de aangifteplicht.
  4. Het gevraagde uitstel heeft betrekking op een of meer belastingen die onder de goedkeuring vallen (zie paragraaf 1.2 hiervoor).
  5. Als de totale belastingschuld ten tijde van ontvangst van het verzoek om uitstel € 20.000 of meer bedraagt is een verklaring van een derde-deskundige  vereist (zie hierna).

Ook bij het uitstel van betaling langer dan drie maanden geldt dat wanneer de belangen van de Staat zich hiertegen verzetten het uitstel van betaling kan worden geweigerd of ingetrokken. Gedurende het uitstel kan tussentijdse aflossing worden gevraagd, als de liquiditeitspositie van de ondernemer dit toelaat. Daarnaast zal het bijzonder uitstel van betaling worden ingetrokken zodra de omstandigheden dit mogelijk maken. Als voorbeeld wordt genoemd de horecaonderneming, als de horeca weer open mag. Alvorens het uitstel in te trekken zal de ondernemer in de gelegenheid worden gesteld om met de Belastingdienst een passende betalingsregeling af te sluiten. Deze betalingsregeling zal niet gebonden zijn aan een maximumtermijn of andere eisen die gelden bij regulier uitstelbeleid.

Verklaring derde-deskundige

De verklaring van de derde-deskundige dient in ieder geval de volgende elementen te bevatten:

  • Een verklaring dat aannemelijk is dat sprake is van werkelijke betalingsproblemen op het moment van het verzoek om uitstel of naar verwachting op korte termijn daarna. Bij ‘korte termijn’ valt volgens het beleidsbesluit te denken aan de periode waarin de coronamaatregelen ten aanzien van de betreffende ondernemer gelden.
  • Een verklaring dat aannemelijk is dat deze betalingsproblemen hoofdzakelijk door de coronacrisis zijn ontstaan.
  • Een liquiditeitsprognose die volgens de derde-deskundige plausibel is.
    Deze prognose moet zijn opgesteld aan de hand van de feiten en omstandigheden die op het moment van het indienen van het verzoek om uitstel van betaling bekend zijn.

In de toelichting bij de verklaring moet de derde-deskundige aangeven welke documenten of gegevens door de ondernemer zijn verstrekt. Niet vereist is dat de derde-deskundige een zogenoemde assuranceverklaring geeft dat de ondernemer voldoet aan de voorwaarden.

1.4          Overige goedkeuringen

In het beleidsbesluit is ook goedgekeurd dat andere vormen van verleend uitstel van betaling niet in de weg staan aan het toekennen van het bijzondere uitstel van betaling van het beleidsbesluit.

Tijdens de periode van het uitstel van betaling op grond van het beleidsbesluit zal de Belastingdienst in beginsel geen belastingteruggaven verrekenen met belastingschulden waarvoor uitstel van betaling geldt. Op verzoek van de ondernemer of in gevallen waarin de belangen van de Staat worden geschaad, blijft verrekening wel mogelijk. Deze goedkeuring is niet van toepassing bij de verrekening van invoerrechten.

2.            Betalingsverzuimboeten

De staatssecretaris van Financiën wil voorkomen dat ondernemers waaraan bijzonder uitstel van betaling is verleend in het kader van het beleidsbesluit, worden geconfronteerd met een verzuimboete wegens niet tijdig betalen van de belasting. Daarom worden betalingsverzuimboeten opgelegd in de periode 12 maart 2020 tot het moment van het beëindigen van het uitstel van betaling op grond van het beleidsbesluit geacht niet te zijn opgelegd. Als een betalingsverzuimboete is opgelegd zal deze ambtshalve worden vernietigd. Deze goedkeuring is in voorkomend geval ook van toepassing op de accijnzen en verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken.

3.            Invordering

3.1          Meldingsregeling bodemrecht

Onder omstandigheden kan er meldingsplicht gelden van handelingen met betrekking tot bodemzaken. In het beleidsbesluit wordt, in situaties waarin de gevolgen van de coronacrisis een rol spelen, hierop een aantal specifieke uitzonderingen gemaakt.

3.2          Verklaring betalingsgedrag

De staatssecretaris van Financiën keurt goed dat een zogenoemde schone verklaring betalingsgedrag wordt afgegeven als voor de nageheven loonheffingen of omzetbelasting op grond van het beleidsbesluit bijzonder uitstel van betaling is of zal worden verleend.

3.3          Melding betalingsonmacht

In verband met bestuurdersaansprakelijkheid is het van belang dat de bestuurders van een (aan de vennootschapsbelasting onderworpen) rechtspersoon tijdig een melding betalingsonmacht doen, indien de rechtspersoon bepaalde belastingen niet tijdig kan betalen. Indien een verzoek om bijzonder uitstel van betaling is gedaan op grond van het beleidsbesluit en het verzoek betrekking heeft op aangiftetijdvakken die eindigen na 1 februari 2020, wordt het verzoek mede als tijdige melding van betalingsonmacht aangemerkt.

De melding wordt bovendien rechtsgeldig geacht, tenzij achteraf blijkt dat de betalingsonmacht niet hoofdzakelijk verband houdt met de gevolgen van de coronacrisis.

3.4          G-rekening

Als onderdeel van de fiscale coronamaatregelen kan de g‑rekening (gedeeltelijk) worden gedeblokkeerd. De deblokkering kan, behoudens misbruik of oneigenlijk gebruik, op verzoek plaatsvinden voor het saldo van de g‑rekening dat overeenkomt met de verschuldigde loonheffing en omzetbelasting waarvoor op grond van het beleidsbesluit bijzonder uitstel van betaling is verleend.

Ook de uitwinning van de g-rekening kan achterwege blijven bij (een verzoek om) dit bijzondere uitstel van betaling, tenzij de belangen van de Staat zich hiertegen verzetten.

Mocht u naar aanleiding van het voorgaande vragen hebben, dan staan de Meijburgadviseurs u graag bij met hun expertise om de fiscale en financiële gevolgen van de coronacrisis zo beperkt mogelijk te houden. Wij houden u uiteraard van eventuele aanvullende fiscale maatregelen en van uitstel van betaling belastingschulden coronacrisis op de hoogte.

© 2020 Meijburg & Co, Tax & Legal, is een samenwerkingsverband van besloten vennootschappen, staat ingeschreven in het Handelsregister onder nummer 53753348
en is aangesloten bij KPMG International Cooperative ("KPMG International"), een Zwitserse entiteit. Alle rechten voorbehouden.