Op 7 maart 2013 heeft het Europese Hof van Justitie (“HvJ EU”) in de zaak Wheels Common Investment Fund Trustees Ltd (C-424/11) een uitspraak gedaan over de btw-positie van het beheer van pensioenfondsen die een defined benefit regeling uitvoeren. Tevens heeft het HvJ EU zich uitgesproken over de btw-positie van fondsen waarin dergelijke pensioenfondsen hun vermogen samenbrengen.

1. Casus

Wheels Common Investment Fund Trustees Ltd is de beheerder van een beleggingsfonds waarin meerdere pensioenfondsen binnen de Ford groep hun vermogen hebben belegd. De Engelse rechter vroeg het HvJ EU  of:

(i)             ondernemingspensioenfondsen die een defined benefit regeling uitvoeren; of

(ii)            fondsen waarin dergelijke pensioenfondsen beleggingen samenbrengen;

aangemerkt kunnen worden als gemeenschappelijke beleggingsfondsen. Dit is van belang aangezien in dat geval het (vermogens)beheer verricht aan die (pensioen)fondsen vrijgesteld is van btw.

2. Het oordeel van het HvJ EU

Op 7 maart 2013 heeft het Europese Hof van Justitie (“HvJ EU”) in de zaak Wheels Common Investment Fund Trustees Ltd (C-424/11) besloten dat pensioenfondsen die een defined benefit regeling uitvoeren niet kunnen worden aangemerkt als een gemeenschappelijk beleggingsfonds. Het beheer van die pensioenfondsen is daarom btw-belast. Indien dergelijke pensioenfondsen hun vermogen beleggen in een daartoe opgericht fonds is dit fonds ook niet aan te merken als een gemeenschappelijk beleggingsfonds aangezien deze fondsen niet open staan voor het publiek en slechts voortvloeien uit de arbeidsrelatie tussen werkgever en werknemer.

3. Gevolgen

Omdat pensioenfondsen die een defined benefit regeling uitvoeren niet kunnen worden aangemerkt als een collectief beleggingsfonds is de btw-vrijstelling voor het (vermogens)beheer van gemeenschappelijk beleggingsfondsen niet van toepassing op (vermogens)beheerdiensten aan die pensioenfondsen. Ook fondsen waarin dergelijke pensioenfondsen hun vermogen samenbrengen zijn niet als een gemeenschappelijk beleggingsfonds aan te merken indien deze fondsen niet open staan voor het publiek en slechts voortvloeien uit de arbeidsrelatie tussen werkgever en werknemer.

4. Wat kunt u nog doen?

Er zijn nog wel degelijk mogelijkheden om een btw-vrijstelling te krijgen voor (een deel van) het beheer van pensioenvermogen. Het HvJ EU laat nog steeds de mogelijkheid open voor pensioenfondsen om samen met een ander (pensioen)fonds een fonds voor gemene rekening (FGR) vergelijkbaar met een UCITS fonds op te zetten. Door zijn beleggingen samen met die van het andere pensioenfonds onder te brengen in een FGR kan het vermogen van het FGR btw-vrijgesteld beheerd worden, mits de FGR voldoende vergelijkbaar is met een UCITS fonds. Daarnaast kan afhankelijk van het beheermandaat in sommige gevallen direct een btw-vrijstelling toegepast worden.

Uiteraard kunnen de adviseurs van de Indirect Tax Financial Services Group van KPMG Meijburg & Co u van dienst zijn bij het in kaart brengen van alle btw-gevolgen, het opstellen van bezwaarschriften en het aanscherpen van btw bepalingen. Zij kunnen u ook adviseren hoe u kunt omgaan met en anticiperen op wijzigingen in btw regelgeving, beleid en jurisprudentie. Zij hebben daar uitgebreide ervaring mee. Neemt u gerust contact op met een van hen of uw gebruikelijke adviseur.