Voor de controle van rittenregistraties in het kader van privégebruik van de auto van de zaak mag de Belastingdienst geen gebruik maken van gegevens van snelwegcamera’s met nummerplaatherkenning. Door het gebruik van deze beelden vindt inmenging plaats in de persoonlijke levenssfeer van de leaserijder. De Hoge Raad besliste vrijdag 24 februari 2017 dat voor deze inmenging onvoldoende wettelijke grondslag bestaat.

De procedures
De procedures bij de Hoge Raad betreffen drie werknemers met een auto van de zaak. Zij stellen dat het privégebruik van de auto van de zaak onder de 500 kilometer per jaar is gebleven, waardoor geen bijtelling wegens privégebruik verschuldigd zou zijn. De rittenadministraties zijn aan de Belastingdienst overlegd. De Belastingdienst heeft deze rittenadministraties niet geaccepteerd, omdat de auto’s zijn gesignaleerd op locaties die niet overeenkomen met de gegevens in de rittenregistraties. De Belastingdienst heeft dit vastgesteld aan de hand van foto’s die zijn gemaakt door snelwegcamera’s met een automatische nummerplaatherkenning (‘Automatic Number Plate Recognition’, afgekort ANPR).

De uitkomst
De hoofdregel is dat iedereen, behoudens bij de wet te stellen beperkingen, recht heeft op eerbiediging van zijn persoonlijke levenssfeer. Dit betekent dat een inmenging in de persoonlijke levenssfeer moet berusten op een naar behoren bekendgemaakt wettelijk voorschrift.

De Hoge Raad constateert dat door gebruik te maken van snelwegcamera’s met nummerplaatherkenning sprake is van het systematisch verzamelen, vastleggen, bewerken en jarenlang bewaren van gegevens over de bewegingen van voertuigen op diverse plaatsen in Nederland. Een voldoende precieze wettelijke grondslag die hiervoor is vereist, ontbreekt. Het is niet van belang of de met behulp van snelwegcamera’s vastgelegde gegevens met of zonder tussenkomst van het KLPD (Korps landelijke politiediensten) zijn verkregen.

Belang voor de praktijk
De onderhavige uitspraak is van belang voor werknemers met een auto van de zaak die beschikken over een ‘Verklaring geen privégebruik’ en van wie de rittenregistratie wordt beoordeeld door de Belastingdienst.

De Belastingdienst maakt bij de beoordeling van rittenregistraties gebruik van diverse aan hem ter beschikking staande gegevens. De gegevens die verkregen zijn aan de hand van de automatische nummerplaatherkenning mogen echter niet (meer) worden gebruikt om te beoordelen of een ter beschikking gestelde auto meer dan 500 kilometer voor privédoeleinden is gebruikt.