Uitwerking maatregelen ‘werken als zelfstandige’

16 July 2019

Op 24 juni 2019 hebben de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de staatssecretaris van Financiën de Kamer geïnformeerd over de voortgang rondom de maatregelen ‘werken als zelfstandige’. De informatie heeft betrekking op de inhoudelijke uitwerking van de maatregelen en over de nog te nemen stappen. De maatregelen zijn specifiek gericht op bescherming van de onder- en de bovenkant van de arbeidsmarkt, en vormen onderdeel van een breder pakket van integrale maatregelen ter aanpassing van het arbeidsmarktbeleid. Tevens is de Kamer geïnformeerd over de verlenging van het handhavingsmoratorium tot 1 januari 2021. Vanaf 1 januari 2020 zullen de mogelijkheden tot handhaving voor de Belastingdienst wel verder worden aangescherpt.

Maatregel voor onderkant van arbeidsmarkt

De eerder voorgestelde maatregel, een verplichte arbeidsovereenkomst bij een laag uurtarief (de zogenoemde ALT-maatregel), is Europeesrechtelijk niet haalbaar. Gelet op de urgentie voor de onderkant van de arbeidsmarkt voor zzp’ers is besloten een generiek minimumtarief in te voeren. Dit minimumtarief is € 16 per uur en moet werkenden aan de onderkant van de arbeidsmarkt de garantie geven dat zij in hun noodzakelijke levensbehoeften kunnen voorzien. De hoogte van het tarief sluit aan bij het niveau van een bijstandsuitkering. Door invoering van het minimumtarief wordt ook het verschil in kosten tussen werknemers en zelfstandigen aan de onderkant van de arbeidsmarkt verkleind. Naar verwachting is dit instrument, onder voorwaarden, wél in overeenstemming met het Europese recht.

Uitwerking voor de praktijk

De maatregel zal leiden tot meer administratieve lasten voor opdrachtgevers en opdrachtnemers. De opdrachtgever krijgt de verantwoordelijkheid voor het controleren en betalen van het minimumtarief. Daartoe dient de opdrachtnemer voorafgaand aan elke opdracht een inschatting te maken van zijn directe kosten en uren, zodat de opdrachtgever het uurtarief kan berekenen. De offerte zal dus een zeer belangrijk instrument worden om te bepalen of aan het minimumtarief is voldaan. Een zakelijke opdrachtgever is daarnaast verplicht om achteraf bij te betalen indien blijkt dat er meer directe kosten of uren zijn gemaakt waardoor het tarief onder het minimumtarief uitkomt. Particuliere opdrachtgevers krijgen een minder vergaande verantwoordelijkheid.

Maatregel voor bovenkant van arbeidsmarkt

In het regeerakkoord is opgenomen dat een ‘opt-out’ van de loonheffingen en werknemersverzekeringen mogelijk wordt voor ondernemers aan de bovenkant van de arbeidsmarkt. Daarbij wordt de opdrachtgever gevrijwaard, ook als achteraf sprake blijkt van een dienstbetrekking. De opt-outmogelijkheid bleek alleen nog niet alle onzekerheid weg te nemen (zoals de mogelijkheid tot loondoorbetaling bij ziekte of pensioenplicht, al dan niet op grond van een cao). De nieuwe zelfstandigenverklaring geeft garanties op deze onderdelen.  

Voor het gebruik van de zelfstandigenverklaring moet aan de volgende cumulatieve voorwaarden worden voldaan:

  1. In de overeenkomst van opdracht moet zijn opgenomen dat partijen de bedoeling hebben geen arbeidsovereenkomst te sluiten.
  2. De arbeidsbeloning bedraagt minimaal € 75 per uur (jaarlijks te indexeren).
  3. De overeenkomst wordt aangegaan voor maximaal één jaar.
  4. De opdrachtgever en de opdrachtnemer ondertekenen beide de zelfstandigenverklaring.
  5. De opdrachtnemer dient bij de Kamer van Koophandel ingeschreven te staan.

Ten aanzien van de arbeidsbeloning van € 75 geldt de verantwoordelijkheid voor zowel opdrachtgevers als opdrachtnemers dat daadwerkelijk minimaal het tarief van € 75 wordt betaald en dat dit blijkt uit hun administratie. Voor de maximale duur van de overeenkomst van één jaar zal een samentelregeling gelden.

Uitwerking voor de praktijk

De bewijslast dat voldaan is aan genoemde voorwaarden rust op de opdrachtgever. Indien daar niet aan wordt voldaan, vervalt de zelfstandigenverklaring met terugwerkende kracht. Daarmee vervalt ook de vrijwaring en is het mogelijk om correctieverplichtingen of naheffingsaanslagen loonheffingen en boetes op te leggen.

Opdrachtgeversverklaring en de webmodule

Het kabinet werkt momenteel aan een webmodule die hulp biedt aan opdrachtgevers en opdrachtnemers. De webmodule vormt een instrument om vooraf zekerheid te krijgen over de kwalificatie van de arbeidsverhouding. Als op grond van de ingevulde antwoorden blijkt dat geen sprake is van een dienstbetrekking, dan verstrekt de webmodule een opdrachtgeversverklaring. Deze verklaring geeft de opdrachtgever vooraf zekerheid dat er geen loonheffingen hoeven te worden ingehouden en afgedragen en dat er geen premies werknemersverzekeringen hoeven te worden betaald. De opdrachtgeversverklaring is geldig voor zover deze naar waarheid is ingevuld en er in de praktijk dienovereenkomstig wordt gewerkt. Momenteel bevindt de webmodule zich in een testfase. Over de resultaten daarvan wordt de Kamer na de zomer geïnformeerd. Naast de webmodule kan ook het Handboek Loonheffingen, een goedgekeurde modelovereenkomst of een vooroverleg met de Belastingdienst zekerheid bieden over de kwalificatie van een arbeidsverhouding.

Uitbreiding handhaving met ingang van 1 januari 2020

Aanvankelijk vond handhaving alleen plaats in geval van ernstige kwaadwillendheid, maar met ingang van 1 juli 2018 ook in situaties waarin sprake is van ‘gewone’ kwaadwillendheid. In de praktijk blijkt het voor de Belastingdienst zeer lastig om aan te tonen dat van dit laatste sprake is. Daarom mag de Belastingdienst vanaf 1 januari 2020 ook handhaven indien opdrachtgevers aanwijzingen van de Belastingdienst niet (of in onvoldoende mate) binnen een redelijke termijn opvolgen.

Indien u verdere informatie wenst over de gevolgen van deze wet in uw specifieke situatie, dan kunt u contact opnemen met uw vaste aanspreekpunt bij Meijburg & Co of met een van onze specialisten.

© 2019 Meijburg & Co, Tax & Legal, is een samenwerkingsverband van besloten vennootschappen, staat ingeschreven in het Handelsregister onder nummer 53753348
en is aangesloten bij KPMG International Cooperative ("KPMG International"), een Zwitserse entiteit. Alle rechten voorbehouden.