Btw-ontwikkelingen in de zorgsector

6 December 2018

Btw-heffing bij samenwerking binnen de zorg is een veelbesproken onderwerp. Terugkerend thema is of de onderlinge prestaties binnen de samenwerking zijn onderworpen aan btw-heffing. Btw-heffing heeft in dit kader een kostprijsverhogend effect, aangezien de presterende zorginstelling de btw in rekening brengt en moet voldoen aan de Belastingdienst, terwijl de ontvangende zorginstelling deze btw niet of slechts zeer beperkt als voorbelasting in aftrek kan brengen. Hieronder brengen wij twee ontwikkelingen op dit terrein onder de aandacht.

Doorbelasting premies aansprakelijkheidsverzekeringen met btw belast?

De Belastingdienst bepaalde onlangs een standpunt ten aanzien van de doorbelasting van premies voor aansprakelijkheidsverzekeringen door ziekenhuizen aan medisch specialistische bedrijven (MSB’s). Volgens de Belastingdienst moet deze doorbelasting per 1 januari 2019 in de btw-heffing worden betrokken. De Belastingdienst heeft dit standpunt niet gepubliceerd. De overwegingen voor dit standpunt zijn daarom bij ons (nog) niet bekend. Naar onze mening is de enkele doorbelasting van premies voor (aansprakelijkheids-)verzekeringen in principe geen belastbaar feit voor de btw. Er bestaan mogelijkheden om btw-heffing te voorkomen. Wij adviseren u graag hierbij. 

Het VAVO-arrest: mogelijkheid om btw-heffing bij samenwerking in zorg te voorkomen?

Reeds op 22 januari 2016 deed de Hoge Raad uitspraak over de btw-gevolgen van een onderlinge dienstverlening in het kader van een samenwerking tussen twee onderwijsinstellingen in het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs (VAVO).  Dit arrest betrof twee onderwijsinstellingen die onder gezamenlijke naam en voor gezamenlijke rekening volwassenenonderwijs aanbieden. De onderwijsinstellingen verrichten in het kader van deze samenwerking tegen betaling over en weer ondersteunende diensten, zoals juridische ondersteuning en marketing. De Hoge Raad besliste in dit arrest dat deze ondersteunende diensten niet leiden tot btw-heffing. 

Deze beslissing van de Hoge Raad vormde voor Meijburg & Co, samen met een aantal andere advieskantoren, aanleiding voor overleg met het Ministerie van Financiën over de vraag of en onder welke voorwaarden het arrest van de Hoge Raad ook uitkomst biedt voor samenwerking in de zorg.

Inmiddels liet het Ministerie van Financiën ons weten dat het arrest niet beperkt is tot de onderwijssector en dus ook voor de zorgsector kan gelden. De Belastingdienst is hierover door het Ministerie van Financiën geïnformeerd en heeft daarbij ook instructies ontvangen over de voorwaarden die daarbij worden gehanteerd. Vooralsnog hebben wij geen inzage in deze instructies. Hopelijk volgt dit nog.

Advies

Naar onze mening biedt het VAVO-arrest mogelijkheden om btw-heffing over onderlinge prestaties bij samenwerking in de zorg te voorkomen. Wij verwachten dat de Belastingdienst bij de beoordeling de specifieke context van de samenwerking tussen de onderwijsinstellingen in het arrest van de Hoge Raad als richtsnoer zal nemen. Wij zijn graag bereid om in overleg met u te beoordelen of en in hoeverre het mogelijk is om samenwerkingsverbanden zodanig vorm te geven dat voldaan wordt aan het VAVO-arrest en dit af te stemmen met de Belastingdienst. Is dit een herkenbare situatie voor u? Neemt u dan gerust contact met ons op en dan bekijken samen met u welke mogelijkheden er zijn in uw situatie.

© 2019 Meijburg & Co, Tax & Legal, is een samenwerkingsverband van besloten vennootschappen, staat ingeschreven in het Handelsregister onder nummer 53753348
en is aangesloten bij KPMG International Cooperative ("KPMG International"), een Zwitserse entiteit. Alle rechten voorbehouden.