De waardering van het familiebedrijf vormt een belangrijk obstakel bij de overdracht van de onderneming. Vooral de waardering van de opgebouwde goodwill blijkt bij veel bedrijven voor problemen te zorgen. Uit onderzoek van KPMG onder Nederlandse familiebedrijven blijkt dat bijna de helft van de bedrijven de waardering van de onderneming als het belangrijkste obstakel ziet bij een mogelijke overdracht. 

Bijna 80% vindt dat vooral de waardering van de goodwill die betaald moet worden een belemmering vormt. Een meerderheid van de bedrijven blijkt de opvolging bij voorkeur binnen de familie te zoeken. Vooral de voortzetting van de familienaam speelt hierbij een belangrijke rol. Bijna 40% van de ondernemingen geeft aan dat opvolging binnen de familie in het algemeen zorgt voor continuïteitsproblemen. Van de obstakels bij opvolging binnen de familiesfeer, geeft ruim de helft van de ondernemingen aan dat een goede opvolger binnen de familie mogelijk niet te vinden is. 

Met name wanneer het gaat om opvolging van de directeur-grootaandeelhouder (‘DGA’) vormt de waardering van de onderneming een obstakel. Bijna 60% van de bedrijven geeft aan dat de waardering van de onderneming sterk afhankelijk is van de opgebouwde ervaring en het leiderschap van de DGA. Daarnaast zorgt het bijzondere karakter van het familiebedrijf duidelijk voor belemmeringen bij de waardering. 

Bijna 90% vindt dat de bedrijven als gevolg van hun langetermijnstrategie en de relatief grote betrokkenheid van de werknemers in het algemeen een hogere bedrijfswaarde vertegenwoordigen. Bijna 70% geeft aan dat de in het algemeen conservatieve financieringsstructuur van de familiebedrijven bijdraagt aan de hogere waardering die aan dit soort bedrijven wordt toegedicht. 

Volgens 69% van de bedrijven wordt de zwaardere belastingheffing op bedrijfsvastgoed als een belemmering ervaren voor de overdracht van de onderneming.

Uit het onderzoek van KPMG blijkt voorts dat ruim 90% van bedrijven bij opvolging gebruik zou maken van een externe adviseur. Bijna 40% van de onderzochte bedrijven geeft aan dat de DGA niet altijd is staat in om de waarde van de onderneming zelfstandig in te schatten.

Dit houdt niet alleen een risico in voor de DGA, maar ook voor de opvolger van het bedrijf. Een te hoge waardering vormt een last voor de toekomstige opvolger, terwijl met een te lage waardering niet alleen de overdragende ondernemer maar ook de overige familieleden tekort worden gedaan. Ook bij een eventuele verkoop aan derden moet de reële waarde het vertrekpunt vormen voor de uiteindelijke onderhandelingen.

Een goede onderbouwing van de waardering is dan ook onmisbaar in de communicatie met de betrokkenen binnen de familie en voor het verkrijgen van een sterkere positie in eventuele onderhandelingen met een koper. Waarderen is dan ook veel meer dan het vinden van het juiste prijskaartje. Een weloverwogen waardering kan conflicten over de waarde van het familiekapitaal voorkomen. Maar nog belangrijker, een gedegen waardering biedt het kompas voor een koers

Klik hier om alle onderzoeksresultaten te bekijken.